Home / Kennisbank / Wat zijn de 5 nieuwe handelingen voor zorgkundigen?

Wat zijn de 5 nieuwe handelingen voor zorgkundigen?

Verpleegkundige in scrubs voert nauwkeurig een klinische handprocedure uit op de arm van een patiënt in een steriele omgeving.

Zorgkundigen mogen sinds de herziening van de Wet BIG vijf voorbehouden handelingen uitvoeren die voorheen exclusief waren voorbehouden aan verpleegkundigen. Het gaat om handelingen zoals het toedienen van medicatie en het uitvoeren van injecties, mits aan strikte voorwaarden wordt voldaan. In dit artikel lees je precies welke handelingen dat zijn, onder welke condities ze zijn toegestaan en wat dit betekent voor jouw dagelijkse werk.

Welke handelingen mochten zorgkundigen eerder niet uitvoeren?

Zorgkundigen mochten lange tijd geen voorbehouden handelingen uitvoeren. Dit zijn handelingen waarbij een onjuiste uitvoering direct gezondheidsrisico’s oplevert voor de patiënt. Alleen BIG-geregistreerde verpleegkundigen en artsen waren bevoegd om deze handelingen zelfstandig te verrichten. Zorgkundigen hadden een ondersteunende rol en voerden uitsluitend niet-voorbehouden zorgtaken uit.

Voorbehouden handelingen omvatten onder meer het toedienen van injecties, het inbrengen van een katheter, het verrichten van heelkundige handelingen en het toedienen van medicatie via specifieke toedieningswegen. Voor zorgkundigen betekende dit dat zij bij veelvoorkomende zorgsituaties afhankelijk waren van de aanwezigheid van een verpleegkundige of arts, ook als de handeling routinematig en overzichtelijk was. Dat leidde in de praktijk tot knelpunten, zeker in settings waar de verhouding tussen zorgkundigen en verpleegkundigen scheef lag.

Wat zijn de 5 nieuwe handelingen die zorgkundigen nu mogen uitvoeren?

Zorgkundigen mogen nu vijf specifieke voorbehouden handelingen uitvoeren: het toedienen van subcutane injecties, het toedienen van intramusculaire injecties, het inbrengen van een blaaskatheter bij vrouwen, het verrichten van eenvoudige heelkundige handelingen en het toedienen van medicatie via een bestaande intraveneuze toegangsweg. Dit zijn handelingen die in de praktijk regelmatig voorkomen en waarbij zorgkundigen nu een actievere rol kunnen spelen.

De uitbreiding van bevoegdheden is niet bedoeld om de rol van de verpleegkundige te vervangen, maar om de zorg efficiënter en toegankelijker te maken. Zorgkundigen die deze handelingen uitvoeren, doen dit altijd binnen een duidelijk kader van bekwaamheid, toezicht en verantwoordelijkheid. De vijf handelingen zijn bewust gekozen omdat ze frequent voorkomen in de dagelijkse zorgpraktijk en goed te standaardiseren zijn.

Onder welke voorwaarden mogen zorgkundigen deze handelingen uitvoeren?

Zorgkundigen mogen deze handelingen uitvoeren als zij aantoonbaar bekwaam zijn, werken onder verantwoordelijkheid van een bevoegde zorgverlener en de handeling is opgenomen in een protocol of opdracht van een arts of verpleegkundige. Bekwaamheid is hierbij het sleutelwoord: bevoegdheid alleen is niet voldoende.

De voorwaarden zijn concreet:

  • De zorgkundige heeft een erkende opleiding of bijscholing gevolgd voor de betreffende handeling
  • Er is een schriftelijke opdracht of protocol van een arts of verpleegkundige
  • Er is toezicht of directe bereikbaarheid van een bevoegde zorgverlener
  • De zorgkundige voert de handeling regelmatig genoeg uit om bekwaam te blijven
  • De organisatie heeft de handeling opgenomen in het beleid en de werkafspraken

Wordt niet aan deze voorwaarden voldaan, dan mag de handeling niet worden uitgevoerd, ook al is de zorgkundige formeel bevoegd. Bekwaamheid moet je actief onderhouden en aantonen.

Wat is het verschil tussen een zorgkundige en een verpleegkundige bij deze handelingen?

Het belangrijkste verschil is zelfstandigheid. Een verpleegkundige mag voorbehouden handelingen zelfstandig uitvoeren op basis van eigen beoordeling en bevoegdheid. Een zorgkundige mag dezelfde handelingen uitvoeren, maar altijd in opdracht van en onder verantwoordelijkheid van een arts of verpleegkundige. De zorgkundige handelt dus nooit volledig op eigen initiatief.

Daarnaast verschilt de reikwijdte van de bevoegdheid. Verpleegkundigen hebben een breed scala aan voorbehouden handelingen tot hun beschikking en kunnen zelfstandig beoordelen wanneer een handeling nodig is. Zorgkundigen zijn beperkt tot de vijf specifiek aangewezen handelingen en voeren deze uit binnen een vooraf vastgesteld kader. De verantwoordelijkheid voor de indicatiestelling blijft altijd bij de verpleegkundige of arts liggen.

Dit onderscheid is niet bedoeld als rangorde, maar als een heldere verdeling van verantwoordelijkheden die de veiligheid van de patiënt borgt.

Welke scholing hebben zorgkundigen nodig voor de nieuwe handelingen?

Zorgkundigen hebben gerichte bijscholing nodig om bekwaam te zijn voor de nieuwe handelingen. Een formele bevoegdheid op papier is niet genoeg: je moet kunnen aantonen dat je de handeling veilig en correct kunt uitvoeren. Dit vraagt om praktijkgerichte training, toetsing en regelmatige herhaling.

Wat die scholing concreet inhoudt, verschilt per handeling en per organisatie, maar in het algemeen gaat het om:

  • Theoretische kennis over de handeling, de risico’s en de indicaties
  • Praktische vaardigheidstraining, bij voorkeur met simulatie of begeleide uitvoering
  • Toetsing van de bekwaamheid door een bevoegde collega of leidinggevende
  • Periodieke herhaling om bekwaamheid te onderhouden

Bijscholing voor verpleegkundigen en zorgkundigen speelt hierin een belangrijke rol. Geaccrediteerde scholing geeft je niet alleen de benodigde kennis, maar telt ook mee voor je registratie-eisen. Zorg er dus voor dat de scholing die je volgt erkend is door een relevante beroepsvereniging zoals V&VN.

Wat betekenen deze nieuwe handelingen voor de dagelijkse zorgpraktijk?

De uitbreiding van bevoegdheden voor zorgkundigen maakt de dagelijkse zorgpraktijk flexibeler en efficiënter. Zorgkundigen kunnen meer taken zelfstandig afhandelen, wat de werkdruk voor verpleegkundigen verlicht en de continuïteit van zorg verbetert. Patiënten hoeven minder lang te wachten op een handeling die nu ook door de aanwezige zorgkundige kan worden uitgevoerd.

In de praktijk vraagt dit wel om goede afspraken binnen het team. Denk aan duidelijke protocollen, heldere communicatie over wie welke handeling uitvoert en een cultuur waarin bekwaamheid serieus wordt genomen. De verantwoordelijkheid verschuift niet volledig naar de zorgkundige, maar de samenwerking tussen zorgkundigen en verpleegkundigen wordt wel intensiever en gelijkwaardiger.

Voor zorgkundigen zelf betekent dit een verbreding van hun professionele rol en meer mogelijkheden voor groei. Het vraagt tegelijk om een actieve houding ten opzichte van bijscholing en het onderhouden van vaardigheden.

Hoe wij je helpen bij bijscholing als zorgkundige of verpleegkundige

Of je nu zorgkundige bent die de nieuwe handelingen wil leren uitvoeren, of verpleegkundige die haar kennis actueel wil houden: geaccrediteerde bijscholing is de basis. Wij bieden een breed scholingsaanbod voor zorgprofessionals in uiteenlopende disciplines, altijd gericht op wat je direct kunt toepassen in de praktijk.

Wat je bij ons vindt:

  • Geaccrediteerde scholingen erkend door onder andere V&VN en ABAN
  • Congressen, webinars en on demand scholing die passen bij jouw agenda
  • Praktijkgerichte programma’s met ervaren sprekers uit het werkveld
  • Kortingsmogelijkheden zoals vroegboekkorting en collegakorting
  • Een divers aanbod voor de ggz, eerstelijnszorg, ouderenzorg en meer

Bekijk ons scholingsaanbod en ontdek welke nascholing aansluit bij jouw leerdoelen en registratie-eisen. Neem gerust contact op met ons scholingsteam voor meer informatie.

Deze inhoud is gegenereerd met behulp van AI en kan fouten bevatten.