Home / Kennisbank / Wat zijn de meest voorkomende persoonlijkheidsstoornissen?

Wat zijn de meest voorkomende persoonlijkheidsstoornissen?

Zorgprofessional in rustige klinische omgeving met een versleten leren notitieboek op bureau, zacht natuurlijk licht door matglas.

Persoonlijkheidsstoornissen zijn langdurige patronen van denken, voelen en gedrag die sterk afwijken van wat in een cultuur gebruikelijk is en die leiden tot problemen in het dagelijks functioneren. Er zijn tien erkende persoonlijkheidsstoornissen, ingedeeld in drie clusters op basis van gedeelde kenmerken. Dit artikel beantwoordt de meest gestelde vragen over persoonlijkheidsstoornissen, van de indeling in clusters tot de behandelmogelijkheden.

Hoeveel soorten persoonlijkheidsstoornissen zijn er?

Er zijn tien officieel erkende persoonlijkheidsstoornissen, verdeeld over drie clusters. Deze indeling is gebaseerd op overeenkomsten in gedragspatronen en kenmerken. Elke stoornis heeft een eigen profiel, maar er is ook veel overlap mogelijk, wat diagnostiek in de praktijk complex maakt.

De tien persoonlijkheidsstoornissen zijn verdeeld als volgt:

  • Cluster A: paranoïde, schizoïde en schizotypische persoonlijkheidsstoornis
  • Cluster B: antisociale, borderline, histrionische en narcistische persoonlijkheidsstoornis
  • Cluster C: vermijdende, afhankelijke en obsessief-compulsieve persoonlijkheidsstoornis

Naast deze tien bestaat er ook de categorie “andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis”, die wordt gebruikt wanneer iemand kenmerken vertoont van meerdere stoornissen zonder volledig aan de criteria van één specifieke stoornis te voldoen. In de praktijk zien zorgprofessionals regelmatig mensen met kenmerken uit meerdere clusters tegelijk.

Wat zijn de kenmerken van een borderline persoonlijkheidsstoornis?

Een borderline persoonlijkheidsstoornis (BPS) kenmerkt zich door een sterk wisselend zelfbeeld, intense en onstabiele relaties, moeite met het reguleren van emoties en een grote angst voor verlating. Het is een van de meest bekende persoonlijkheidsstoornissen en komt relatief vaak voor in de ggz-praktijk.

Mensen met BPS ervaren hun emoties vaak als overweldigend en moeilijk te sturen. Dit kan leiden tot impulsief gedrag, stemmingswisselingen en soms zelfbeschadiging. De relaties die zij aangaan, zijn vaak intens maar ook kwetsbaar, omdat gevoelens van verlating of afwijzing snel en heftig kunnen opkomen.

Voor zorgprofessionals is het belangrijk om te weten dat BPS een stoornis is waarbij de behandelrelatie zelf een grote rol speelt. Continuïteit, duidelijkheid en een stabiele houding van de zorgverlener zijn daarin van grote betekenis. Bijscholing op dit thema helpt professionals om beter te begrijpen hoe zij effectief kunnen aansluiten bij mensen met BPS.

Hoe herken je een narcistische persoonlijkheidsstoornis?

Een narcistische persoonlijkheidsstoornis herken je aan een patroon van grootsheid, een sterke behoefte aan bewondering en een beperkt vermogen tot empathie. Mensen met deze stoornis overschatten hun eigen belang en hebben moeite om zich in te leven in de gevoelens en behoeften van anderen.

Wat het herkennen lastig maakt, is dat narcisme in de volksmond anders wordt gebruikt dan als klinisch begrip. Niet iedereen die zelfverzekerd of egocentrisch overkomt, heeft een narcistische persoonlijkheidsstoornis. De stoornis gaat verder dan zelfgerichtheid: het gaat om een diepgeworteld patroon dat het functioneren in relaties en werk structureel beïnvloedt.

In de zorgpraktijk kan het voorkomen dat mensen met een narcistische persoonlijkheidsstoornis zorg mijden of moeilijk te bereiken zijn, juist omdat het vragen om hulp als kwetsbaarheid wordt ervaren. Dat vraagt om een specifieke benadering van zorgprofessionals die met deze doelgroep werken.

Welke persoonlijkheidsstoornissen komen het vaakst voor in de zorg?

In de zorgpraktijk, en met name in de ggz, worden borderline persoonlijkheidsstoornis en vermijdende persoonlijkheidsstoornis het meest gezien. Ook de antisociale en de afhankelijke persoonlijkheidsstoornis komen regelmatig voor, afhankelijk van de setting waarin je als professional werkt.

De frequentie waarmee bepaalde persoonlijkheidsstoornissen voorkomen, verschilt per zorgcontext. In de forensische psychiatrie zie je vaker antisociale kenmerken. In de ambulante ggz en eerstelijnszorg zijn borderline en vermijdende patronen vaker aanwezig. In de ouderenzorg en gehandicaptenzorg spelen persoonlijkheidskenmerken ook een rol, maar worden ze soms minder snel als zodanig herkend.

Voor zorgprofessionals is het nuttig om te weten dat persoonlijkheidsstoornissen zelden op zichzelf staan. Ze gaan vaak samen met andere psychische klachten zoals angst, depressie of middelengebruik. Dat maakt het herkennen en begeleiden van deze doelgroep een vak apart, waarvoor gerichte scholing voor zorgprofessionals een duidelijk verschil kan maken.

Wat is het verschil tussen cluster A, B en C stoornissen?

Het verschil tussen cluster A, B en C persoonlijkheidsstoornissen zit in het dominante gedragspatroon. Cluster A wordt gekenmerkt door vreemd of excentriek gedrag, cluster B door dramatisch, emotioneel of impulsief gedrag, en cluster C door angstig of vermijdend gedrag.

Cluster A: vreemd en teruggetrokken

Mensen met een cluster A persoonlijkheidsstoornis trekken zich vaak terug uit sociale situaties en kunnen wantrouwend of excentriek overkomen. Ze hebben moeite met het aangaan van relaties en interpreteren de wereld om hen heen soms op een afwijkende manier. Voorbeelden zijn de paranoïde en schizoïde persoonlijkheidsstoornis.

Cluster B: emotioneel en impulsief

Cluster B stoornissen kenmerken zich door sterke emoties, impulsiviteit en moeite met het reguleren van gedrag in relaties. Dit cluster omvat borderline, narcistische, antisociale en histrionische persoonlijkheidsstoornissen. In de zorgpraktijk zijn dit de stoornissen die het meest zichtbaar zijn en die de meeste aandacht vragen in de behandelrelatie.

Cluster C: angstig en vermijdend

Bij cluster C staat angst centraal. Mensen met een cluster C stoornis vermijden situaties uit angst voor afwijzing, zijn sterk afhankelijk van anderen of zijn perfectionistisch en controlerend. De vermijdende, afhankelijke en obsessief-compulsieve persoonlijkheidsstoornis vallen in dit cluster. Deze stoornissen worden in de zorg soms onderschat, omdat het gedrag minder opvallend is dan bij cluster B.

Hoe worden persoonlijkheidsstoornissen behandeld?

Persoonlijkheidsstoornissen worden voornamelijk behandeld met psychotherapie, waarbij de behandeling is afgestemd op het type stoornis en de persoon. Medicatie speelt een ondersteunende rol, maar is geen primaire behandeling voor de stoornis zelf. Behandeling vraagt tijd en een stabiele therapeutische relatie.

Voor borderline persoonlijkheidsstoornis zijn specifieke therapievormen ontwikkeld die gericht zijn op emotieregulatie en het versterken van de identiteit. Bij andere stoornissen, zoals de vermijdende of afhankelijke persoonlijkheidsstoornis, ligt de focus meer op het doorbreken van vermijdingspatronen en het opbouwen van zelfvertrouwen.

Wat alle behandelingen gemeen hebben, is dat de houding van de zorgprofessional een grote rol speelt. Consistentie, duidelijkheid en een niet-oordelende benadering zijn in alle gevallen van belang. Dat vraagt om meer dan alleen vakinhoudelijke kennis: het vraagt ook om zelfreflectie en vaardigheden in de omgang met complexe gedragspatronen.

Hoe wij je ondersteunen bij scholing over persoonlijkheidsstoornissen

Als zorgprofessional werk je mogelijk regelmatig met mensen bij wie persoonlijkheidsproblematiek een rol speelt. Gerichte bijscholing helpt je om deze doelgroep beter te begrijpen en effectiever te begeleiden, zonder dat je daarvoor een langdurige opleiding hoeft te volgen.

Ons scholingsaanbod biedt geaccrediteerde congressen en scholingen die aansluiten op de thema’s die je in de praktijk tegenkomt. Wat je bij ons kunt verwachten:

  • Praktijkgerichte programma’s die direct toepasbaar zijn in jouw werk
  • Accreditatie door erkende beroepsverenigingen zoals FGzPt, V&VN en ABAN
  • Een balans tussen theorie en praktijk, met ruimte voor vragen en uitwisseling
  • Scholingen voor verschillende zorgdisciplines, waaronder ggz, eerstelijnszorg en gehandicaptenzorg
  • Kortingsmogelijkheden zoals vroegboekkorting en collegakorting

Wil je weten welke scholingen aansluiten bij jouw werkveld en leerdoelen? Bekijk ons scholingsaanbod en schrijf je in voor de nascholing die bij jou past. Heb je vragen over het aanbod? Neem dan gerust contact met ons op.

Deze inhoud is gegenereerd met behulp van AI en kan fouten bevatten.